Met zijn zoontje Chicken Teriyaki en dochtertje Frikandel Speciaal reisde Geert Nuburg door het land. Al waar hij kwam zette hij zijn grote kar neer, ontstak de verblindende neonlichten en liet zijn kinderen misselijkmakende trucs uitvoeren – in de kar, dan wel in de lokale circussen, waar het leven bitter, rauw en kort was.

‘Chicken Teriyaki, hier komen verdomme!’

Het knulletje gehoorzaamde zijn brute vader en keek vol angstige verwachting naar de zweep die in de hoek stond.

‘Ik ben een zwijn, mijn straf is verdiend, ontfermt u over mij met uw zweep’

Nu viel het Chicken Teriyaki pas op dat zijn vader er ongezond uit zag. Zijn adem reutelde, zijn gezicht was opgezwollen en bleek. Zweet parelde boven zijn tranende ogen. Voor het eerst voelde hij medelijden. Hij vergat deze emotie zodra het speeksel uit Geerts mond weer op zijn gezicht belandde.

‘Luister’ zei de ziekelijke man. ‘Luister goed naar mijn woorden. Chicken Teriyaki, mijn tijd is gekomen. Ik wil dat jij samen met Frikandel Speciaal afreist naar Peterswolde, waar mijn neef Harry Bontekraag woont. Sinds jaar en dag heeft hij een magisch acrobatenpak, een pak zo glimmend en fantastisch dat het onze armoe kan vernietigen zoals jullie mijn vaderlijke trots keer op keer vernietigen. Oh, wat heb ik verlangd naar dat pak; hoezeer heb ik nachtelijke fantasieën gehad van mij, gekleed in dat pak, met mijn handen om de levenloze nek van een vers gewurgde Harry!’

Een twijg brak achter het raam van de kar, Geert schrok op, keek op de monitor van zijn CCTV camera systeem, besloot dat de drie moordenaars die om de kar heen cirkelden geen bedreiging vormden en sprak weder.

‘Met dit acrobatenpak gaan wij onze Laatste Tour doen, en met het geld daarvan koop ik een nieuwe nier en een ticket, en dan zie ik jullie nooit meer terug!’

Chicken Teriyaki juichte vanbinnen. Eindelijk kon hij ontsnappen aan die klootzak.

‘Maar, luister. Harry is nog in leven en zal zijn pak verdedigen, tot de laatste snik zal hij proberen je van je leven te beroven, de pulserende laserlichtdildozwaarden in ieder hand en wel, zijn kale hoofd en spartelmessen glimmend in het bijtsglazuur gegoten!’

Geert hoestte een klodder paars slijm op, spuugde het in zijn hand, keek ernaar, rook eraan, likte het, smeet het naar Frikandel Speciaal. De krankzinnige woorden hadden Chicken Teriyaki doen beseffen dat zijn vader al compleet ontoerekeningsvatbaar was en dat een nieuwe nier hem ook niet meer zou redden.

‘Jij, hoerenzoon, gaat het pak proberen te stelen. Hier heb je mijn Machtige Oestermes, waarmee ik jullie allebei uit je moeders buik bevrijd heb. En hier in dit vurenhouten kistje is de Pasta-Tand, een voorwerp dat je enkel mag gebruiken in geval van opperste nood. Open de doos en aanschouw welk een wrok mijn vijanden zal treffen. Welnu, jongeling, haast u gezwind! En keert niet terug zonder het hoofd van mijn neef Harry, anders sluit ik je weer twintig weken op in de Strontkooi, waar je zusjes Bamischijf en Quattro Formaggi ook overleden zijn.’

Chicken Teriyaki sprong op, nam zijn roze Hello Kitty driewieler en bewoog zich in drie dagen en drie nachten naar het land Peterswolde, met zijn zusje op zijn rug, waar de bronzen kerkklokken al sinds het Holoceen luidden voor ieder incestueus dorpsbacchanaal dat er plaatsvond. Het huis van Harry was niet moeilijk te vinden; geen ander persoon zou zo’n deerniswekkend krot kunnen verkiezen als hij, de Tandeloze, de Gierputdrinker, de Anuszuiger, de enige echte Harry Bontekraag.

‘Wacht hier, Frikandel Speciaal. Deze opdracht is te gevaarlijk voor jou, houd jij de Pasta-Tand en het Oestermes vast.’

De knul liet zijn zusje achter, kwam dichterbij het krot en zag door het beslagen raam de meest verschrikkelijke taferelen plaatsvinden, zaken die niet geschikt zijn voor een vroom, beschaafd verhaal als dit. Het waren dingen die men enkel in de grimmigste seksclubs-annex-vechtkooien van Wit-Rusland zou zien zodra de manager weg is en er een mengelmoes van schizofrene moordenaars, pedofielen, verslaafde prostituees en een bonte verzameling zeldzame reptielen een bloederig orgie houden. Afijn, Chicken Teriyaki keek geschokt toe en begon onmiddellijk te verlangen om zich in het feestgedruis te mengen. Zijn gezonde verstand kwam echter tussenbeide.

‘Neen, Chicken Teriyaki, denk aan wat uw vader zou doen. Denk aan het Acrobatenpak!’

Vol vertwijfeling liep hij een rondje om het krot, dat nog het meest leek op een bouwvallige boerderij uit een 17e eeuwse spotprent over het Hollandse platteland, en ontdekte zowaar een luik dat toegang verleende tot een kelder. Een glimlach verscheen op Chicken’s gezicht. Hij opende het luik, klom naar beneden en werd nooit meer gezien. Frikandel-Speciaal opende de Pasta-Tand en werd geteleporteerd naar een willekeurige IKEA-vestiging.

Geert liep ondertussen met zijn volgepropte koffer over Schiphol, de mond licht schuimend, op weg naar de gate waar zijn vliegtuig stond te wachten. Ieder die op zijn pad kwam beukte hij met groot geweld opzij, anderen werden onwel door de penetrante lucht die hij verspreidde. Zijn uitpuilend oog bespeurde een Starbucks. ‘Ik wil mijn koffie, verdomme!’ schreeuwde hij onmiddellijk, voordringend, waarna hij drie jonge kinderen gewelddadig wegschopte.

‘Eh, ja, doe maar die verdomde zoete teringzooi met saus en room, en slagroom en saus en prut erin, van dat spul, en een beetje snel, ik voel me ziek, mijn darmen komen bijna uit m’n anus, je mag het zometeen zelf bekijken als je wilt… Nee? Nou doe toch die koffie maar’

Al waar hij ging lag een spoor van vleessap en uitwerpselen, afkomstig uit zijn koffer.

De douane had deze willen openen maar Chef Hieronymus Plompzaad had hier een stokje voor gestoken.

‘De heer Nuburg geniet onschendbaarheid, zijn koffer is volgens onze scan dan wel gevuld met explosieven, vals geld, illegale goudstaven, bloeddiamanten en vermalen mensenvlees, maar hij moet en zal zijn reis naar de Seychellen ongehinderd volbrengen. Het is een koninklijk bevel!’ Geert had hem een high-five gegeven, over een van Chefs collega’s gekotst en was verder gestormd.

Ongeduldig zoog Geert aan het lullige rietje van zijn ijskoffie om de ongewillige drab erdoorheen te persen. Hij hoopte vurig dat Chicken Teriyaki zijn onmogelijke taak niet zou volbrengen. Er bestond volgens hem geen gevaarlijker persoon waar hij hem naartoe had kunnen sturen. Ongetwijfeld zou hij, dom als hij was, het luik achter Harry’s huis openen en naar beneden klauteren. De kelder bood geen uitweg; enkel clowns woonden daar. Maar wat als… wat als hij toch via de schoorsteen was gegaan? Of door het raam was gesprongen?

Een stem riep om: ‘Vlucht 4242 naar de Seychellen begint nu met boarden. Wij verzoeken Geert Nuburg, bij gratie gods, vijand des vaderlands, onmiddellijk het vliegtuig te betreden.’ Geert lachte de bruine tanden bloot, zijn speeksel vloeide, en op dat moment sprong zijn tas open.

Als een opgezwollen karkas dat uiteen spat door de druk van onsmakelijke gassen vloeide twintig kilo bedorven vlees, botten en haar over de vloer. Geert, zijn pafferige hoofd omspannen met een strak sjaaltje en geperst in een te klein colbert, sprong op de vloer om de restanten bij elkaar te rapen en in zijn mond te stoppen. Het was een even treurig als misselijkmakend gezicht. Om hem heen begonnen de passagiers eensgezind te braken, alarmbellen gingen af, men rende door elkaar, gewapende marechaussees executeerden willekeurige personen. In de cockpit van het vliegtuig bleek opeens Harry Bontekraag te zitten in levende lijve, gierend van het lachen, zijn handen geklemd om de gashendels van de Boeing 747. Hij drukte ze naar voren, de motoren loeiden, het vliegtuig kwam in beweging en boorde zich met luid gekraak in de pier. Het laatste wat men zag was het gezicht van Harry, doorboord met glasscherven, hysterisch van pret, voordat alles en iedereen verdween in een alles verzengende vuurbol.

Zo ontsnapte alleen Frikandel Speciaal aan het juk harer vader, en verloor zij haar geliefde broer. Ze zou opgroeien tot een welbekende feministe en een partij oprichten die het scheren van kalveren verbood, behalve als dit gebeurde op een zonovergoten dinsdag voor een treinstation. Haar naam zou ze veranderen in Fernanda Beverspijs, wonend in een flatje in Spijkenisse, zware shag rokend, katten aaiend, lepra vermijdend.