Jochem was boos. Zijn rolstoel trilde, bubbels kwijl schuimden aan zijn mond. Hij had altijd geloofd dat zijn mankementen slechts een stom ongeluk waren, een verwekking onder verkeerd gesternte. Niks bleek minder waar.

‘Spreek, vrouw. Spreek de waarheid’ kermde hij met de grootste moeite. In zijn klauwhand klemde het vergeelde, rafelige dagboek van zijn moeder. Jochem bracht het boekje voor zijn neus, opende het en las voor: 

‘8 oktober 1999. Vandaag was de bevalling. Mijn angsten zijn uitgekomen: hij is misvormd. Het is die keer met Erik inderdaad fout gegaan.’ 

Jochem klapte het dagboek dicht.

‘Ach jongen, ach schat…’ verzuchtte Estella, na enige momenten stilte. Ze keek haar minst favoriete kind met nauwelijks verhuld medelijden aan, leek even te zoeken naar woorden en stak toen van wal.

‘Weet je, Jochem… In dit dorp, hier in Groenesteyn, heeft iedereen, maar dan ook echt iedereen, seks met elkaar. Nee, Berend is inderdaad niet jouw vader. Berend is ook niet de vader van je zusje, Lisa. Ik weet niet precies wie haar vader eigenlijk wél is, maar ik vermoed Robert. Ja, Robert, die maakte het zo ongelooflijk bont zeventien jaar geleden…’

Estella schonk een glas Chablis in, zonk neer in de fauteuil en sloeg haar benen over elkaar.

‘Eens denken… Onze buurvrouw, Suzette, ging om met Ernst, maar later ook met Joost en zelfs met John, van de Vogelenzanglaan 3. Robert heeft de halve Nachtegaalstraat afgewerkt: Luise, Irina, Annette en Rosanne. Berend was vooral actief in de Lijsterstraat. Ja, Merel was zijn voornaamste doelwit. Volgens mij zijn al haar kinderen van hem. Allemaal zwart haar, net als zij. Prachtige vrouw. Heb ik ook nog eens mee gestoeid.

Maar jouw vader, Jochem, dat is Erik. Erik liep altijd met een vreemde grijns op zijn gezicht door het dorp. In zijn linkerhand had hij een emmer vol koeienworst, die hij aan de deur verkocht. Hij was niet echt knap, nogal lelijk en misvormd zelfs – Erik de Dorpsgek, zo noemden we hem. Op een dag zag Annette hem echter naakt op het Strandje en ontdekte zo dat hij een gigantische lul had – vanaf toen stond hij bekend als Erik met de Worst. Het nieuws bleek inderdaad waar, ik heb het zelf aangetoond toen ik hem strikte in het dorpscafé. We dronken bier met nootjes, ik sleurde hem de wc in en de rest is geschiedenis. Na die avond liep ik een week krom…’ Estella zwijmelde, nam een grote slok, waarna ze de wijn weer lachend uitproestte. ‘Weet je Jochem…’ Haar blik was inmiddels licht waanzinnig geworden. ‘Eigenlijk alle gehandicapte kinderen van tussen 1999 en 2005 zijn jouw halfbroertjes en halfzusjes! Je familie is groot! Heel Groenesteyn is met elkaar verbonden!’

Jochem zag al die namen voor zich, al die gezichten van kinderen en leeftijdsgenoten van zijn moeder. Opeens klikte alles, zijn hersenpan bruiste kort en het heldere licht van zijn bewustzijn knalde uit. Estella nam nog een slok wijn en pakte haar telefoon.

‘Erik, lieverd, wat heb ik jou lang niet gesproken! Kom je weer eens langs binnenkort?’

——

Photo by Taras Chernus on Unsplash